Architectuur in Amsterdam

Amsterdam wordt vaak “het Venetië van het noorden” genoemd vanwege zijn ruim 100 kilometer aan grachten. De drie hoofdgrachten – Herengracht, Keizersgracht en Prinsengracht –, die in de zeventiende eeuw tijdens de Nederlandse Gouden Eeuw zijn gegraven, liggen als concentrische cirkels om het stadscentrum heen en maken deel uit van wat bekendstaat als de “Grachtengordel”.

Langs de hoofdgrachten staan meer dan 1500 monumentale gebouwen die in 2010 op de Werelderfgoedlijst van Unesco zijn geplaatst.

Het Ambassade Hotel bezit 12 van deze monumenten aan de Herengracht en het Singel.

Grachtenpanden zijn vaak smal (niet meer dan 10 meter breed), hoog en diep en worden gekenmerkt door grote smalle ramen, decoratieve gevels en zeer smalle trappen.
In deze huizen woonden destijds rijke kooplieden, financiers, ambachtslieden, artsen, juristen, politici en kunstenaars. Er zijn verschillende soorten gevels: trapgevels, tuitgevels, halsgevels, klokgevels en lijstgevels. Vanwege het gevaar van overstromingen bevindt de voordeur zich soms boven het straatniveau, zodat deze alleen via een bordes bereikbaar is.

Grachtenpanden hadden normaal gesproken een kelder en een zolder waar handelswaar kon worden opgeslagen. Op de zolder was een hijsinstallatie of een speciale balk aanwezig om waardevolle goederen mee op te hijsen, zoals specerijen, katoen of zwaardere spullen, zoals cacao. Die balken worden nog altijd gebruikt bij verhuizingen.

Tijdens u verblijf vindt u in uw hotelkamer een gedetailleerde geschiedenis van het grachtenhuis waarin uw kamer zich bevindt.